Ghana gidsland in Afrika
Vlag
Samenleving
Beter af dan de rest van Afrika
Gezondheidszorg
Ongelijk onderwijs
Een Ghanese volksaard?
Muziek en dans
Cultureel gidsland?
Traditioneel geloof basis van bestaan
|
Ghana gidsland in Afrika
Die levenshouding draagt sterk bij aan het beeld van vrolijke chaos, dat
de bezoeker aan Ghana als eerste opvalt. Het verkeer in de metropool
Accra wringt zich moeizaam voort, ongelukken zijn er weinig. En is er
een conflict tussen twee trotro-chauffeurs (de trotro is het rijk
beschilderde, met passagiers volgestouwde minibusje dat het
openbaar
vervoer voor z’n rekening neemt), dan schreeuwen alle inzittenden mee.
Om keihard in lachen uit te barsten als het verkeer weer in
beweging
komt.
Luidruchtig, kleurrijk, vrolijk maar ook vies: het afvalprobleem is een
topprioriteit voor het stadsbestuur van Accra. Ook elders in het land
schreeuwen milieuproblemen om oplossingen. De aanpak van dergelijke
problemen ligt buiten het bereik van de traditionele leiders, de chiefs
en subchiefs. Zij laten het graag over aan de formele autoriteiten, maar
die hebben geen geld. Of als het er wel is, verdwijnt het nogal eens op
onverklaarbare wijze. Men blijft er vrolijk onder.
Ghana is ook een veilig land. De criminaliteit is er een stuk minder dan
in de buurlanden, mede omdat de sociale controle groot is. Vrouwen
kunnen in Ghana veilig over straat. Niet dat z geen aandacht trekken,
integendeel. De Ghanees is extravert en de huwelijksaanzoeken zijn niet
van de lucht. Maar alles, bijna alles, valt met een grapje te pareren.
Traditioneel nemen vrouwen in de Ghanese matrilineaire samenleving een
sterke positie in, zowel in de handel als achter de schermen in alle
belangrijke familie-
en clanaangelegenheden. De argeloze toerist op Accra’s grote Makola
Market krijgt de volle laag van de indrukwekkende market queens, onder
hun grote hoeden, met hun geld en hun mobieltje opvallend in het
decolleté. Ook deze discussies eindigen onveranderlijk in onbedaarlijk
gelach.
Hoe chaotisch het dagelijks leven in Ghana osms ook lijkt, het land zelf
geldt al decennialang als een baken van stabiliteit tussen chaotische
landen.
Ghana’s eerste president, de charismatische Kwame Nkrumah, leidde Ghana
al in 1957 naar de onafhankelijkheid en werd daarmee de held van heel
Afrika. In de daaropvolgende jaren maakten ook de meeste andere staten
in Afrika bezuiden de Sahara zich los van hun voormalige koloniale
overheersers. Met zijn streven naar Pan-Afrikanisme en een Afrikaanse
Unie bleef Nkrumah een voortrekkersrol spelen; Ghana, the ‘Black Star of
Africa’, was voor veel Afrikanen hét gidsland.
Dan bleef het niet. De problemen die zoveel Afrikaanse landen na de
onafhankelijkheid teisterden, gingen aan Ghana niet voorbij. Nkrumah
werd bij een militaire coup afgezet, waarna burgerregeringen en
militaire junta’s elkaar in snel tempo afwisselden. In de jaren tachtig
begon een nieuwe periode van stabiliteit. Vanaf 1992 kent Ghana alleen
nog democratisch e gekozen regeringen; ook economisch ontwikkelde het
land zich. Rond de eeuwwisseling volgde een soepele overgang van de
regeringsverantwoordelijkheid naar de oppositie, die vier jaar later
opnieuw de verkiezingen won. Ghana heeft hiermee zijn rol als Afrikaans
gidsland terug. Zeker in de eigen, instabiele West-Afrikaanse regio is
de positieve uitstraling van Ghana van groot belang.
De voornaamste bedreiging van Ghana’s stabiliteit is de groeiende kloof
tussen arm en rijk, zowel in economisch als in politiek opzicht.
Gevaarlijk is dat deze tegenstelling steeds meer langs
etnisch/religieuze lijnen loopt, tussen de Ashanti en andere welvarende
verwante groepen in het overwegend Christelijke zuiden, en de etnisch
verdeelde, traditioneler ingestelde stammen op de savanne in het
islamitische noorden. Soortgelijke tegenstellingen liggen aan de basis
van de conflicten in buurlanden als Ivoorkust en Nigeria.
Ghana zou zijn rol als Afrikaans gidsland pas werkelijk waarmaken als
het deze tegenstellingen succesvol weet aan te pakken. Kansen daarvoor
zijn er genoeg.
|
|
|
Vlag
De groen-geel-rode vlag van Afrika’s oudste natie Ethiopië (de
pan-Afrikaanse kleuren) vormde de basis voor de Ghanese driekleur. In
Ghana staat groen voor de vruchtbaarheid van het land, geel voor de
belangrijke delfstof goud en rood voor het bloed van de mensen die hun
leven gaven voor de onafhankelijkheid. De zwarte ster was het symbool van de ‘Terug naar Afrika’ beweging van de zwarte Amerikaanse leider Marcus Garvey (1887-1940). Met een schip van de door Garvey opgerichte Blac Star Shipping Line keerde Ghana’s eerste president Nkrumah in 1947 huiswaarts na een jarenlang verblijf in de VS en Engeland.
|
|
|
Samenleving
Ghana kent net als de meeste landen in West-Afrika een grote etnische en
religieuze diversiteit. Relatief voordeel is dat niet één enkele
etnische groep de absolute meerderheid heeft en zo zijn wil aan andere
groepen kan opleggen.
Opvallend is dat de verschillen tussen de drie grote religies –Islam,
Christendom en traditioneel geloof – niet vaak tot spanningen leiden.
Anders dan in de buurlanden leven de religieuze gemeenschappen in Ghana
vreedzaam naast elkaar. Wel zijn er grote verschillen tussen de
verschillende stromingen in de Islam, evenals tussen de Christelijke
denominaties onderling. Ook de traditionele religies verschillen zeer
van stam tot stam.
De echte spanningen liggen op etnisch gebied. De vroegere overheersing
door de Ashanti zit veel stammen in het noorden nog dwas. Dat bleek ook
bij de verkiezingen van 2004; het noorden koos massal voor de oppositie.
Net als de oostelijke Volta-regio waar de Ewe hun thuis hebben, de groep
waartoe ex-presifent Rawlings behoort. De Ashanti en verwante groepen
kozen juist voor president Kufuor. Overigens is het zogenaamde
tribalisme een groot taboe in de Ghanese samenleving.
In Zuid-Ghana zijn de belangrijkste etnische groeperingen de Akan, de
Ga-Adangbe en de Ewe. De etnische puzzel in Noord-Ghana is nog
moeilijker te ontwarren. Taalwetenschapper Edward Hall wees in het
verleden al op de grote dynamiek en uitwisseling tussen de taalgroepen
onderling. Zo voorspelde hij dat het Ahanta in zuiwest-Ghana zal owrden
verdrongen door het verwante Fanti. En hij constateerde dat sinds de
onafhankelijkheid al talen volledig verdwenen zijn, met name in het
noorden van de Volta-regio en in de buurt van Tamale in de Northern
Region.
|
|
|
Beter af dan de rest van Afrika
Nog altijd moet bijna de helft van de Ghanese bevolking zien rond te
komen van minder dan een euro per dag, de armoedegrens die de Verenigde
Naties hanteert. Voglens veel wetenschappers zou die armoedegrens
overigens eerder rond de twee dollar per dag moeten liggen, wat de groep
dus alleen maar groter zou maken. Toch zijn de Ghanezen over het
algemeen beter af dan veel andere Afrikanen. In de meeste staten in
sub-Sahara Afrika is de bevolking slechter af als het gaat om zaken als
onderwijsniveau en alfabetisme, gezondheidszorg en toegang tot schoon
drinkwater.
In Ghana is het niveau van betaling erg laag, maar het dagleijks
levensonderhoud is ook niet duur. Zolang men het bij de basisbehoeften
houdt. Voor veel mensen valt daar ook benzine onder. De prijs daarvan
werd na de verkiezingen begin 2005 weer verhoogd. Dat leverde woedende
reacties van de vakbonden op en demonstraties van de oppositie. De
benzineprijs vertaalt zich onmiddellijk in de transportkosten, en
daarmee in de prijs van alle belangrijke levensmiddelen. Maar zelfs na
de verhoging is de prijs van een volle tank lager dan in Ghana’s
buurlanden, en nog niet de helft van wat we in Europa gewend zijn.
Het wettelijk minimumloon werd na veel onderhandelingen in maart 2005
vastgesteld op 13.5000 cedi per dag, iets meer dan een euro.
|
|
|
Gezondheidszorg
Op een aantal vlakken doet Ghana het (relatief) goed. De kindersterfte
is bijvoorbeeld inmidels een stuk lager dan in de meeste Afrikaanse
landen. Toch is de situatie in de gezondheidszorg alarmerend. Artsen en
ander medisch personeel verlaten Ghana aan de lopende band, op zoek naar
een beter inkomen in rijkere landen. Volgens een recent onderzoek
betreft deze brain drain 80 procent van het pas afgestudeerde medisch
personeel. Dat is een gigantische belasting voor Ghana.
Een soortgelijk probleem doet zich voor in het onderwijs. Er zijn te
weinig onderwijzers en leraren, en dit gemis doet zich het meest voelen
in de uithoeken van het land. ‘Zonder de Cubanen was ons
ziekenhuisstelsel allang in elkaar geklapt’, zegt een verpleegsterin een
plattelandskliniek in de Northern Region. Zij doelt op de honder ‘Arme mensen worden vaker getroffen door ziektes en ze kunnen zich er moeilijker tegen beschermen. Ze hebben ook vaak geen geld voor medicijnen. Patiënten met malaria die echt geen geld hebben, helpen wij gratis,’ zegt Comfort Armah, verpleegster aan de Mamprobi Kliniek in Accra. ‘Malaria is een groter probleem in Ghana dan aids; er gaan meer mensen aan dood, vooral op het platteland. Maar er komt nu een campagne aan met gratis muskietennetten voor baby’s en schoolkinderen. Ook diarree is een groot probleem. Door het slechte drinkwater sterven veel kinderen aan dysenterie of uitdroging.’ |
|
|
Ongelijk onderwijs
Ghana dankste zijn rol als gidsland in Afrika mede aan het relatief
goede onderwijssysteem. Een kleine elite aan de kust profiteerde hiervan
al vóór de Britse koloniale overheersing.
Deze met de Europeanen samenwerkende
handelsbourgeoisie zorgde voor de eerste scholen. Later werd er
ook door de Britten veel geïnvesteerd in het onderwijsstelsel van de
Goudkust. Onder Nkrumah, Ghana’s eerste president na de
onafhankelijkheid, was het basisonderwijs officieel gratis en
universeel. En in theorie is het dat nog steeds. De aloude elitescholen
nemen in Ghana een belangrijke positie in. Ze staan vooral in Accra en
in Cape Coast; hier laten Ghana’s rijden hun kinderen studeren. Een
bekend voorbeeld is Mfantsipim School, een jongensschool die in 1976
door de methodisten werd opgericht. Veel ministers hebben hier
gestudeerd. Kofi Annan, de secretaris-generaal van de Verenigde Naties,
is de bekendste leerling; bij ieder bezoek aan zijn vaderland komt hij
even op bezoek. Eveneens in Cape Coast staat de beste meisjesschool van
het land, Wesley Girls High School. In Ghana is het gebruikelijk dat de
Old Boys en Old Girls, dus de oud-leerlingen, een band met hun vroegere
kostschool behouden en financieel bijdragen.
Voor gewone Ghanezen zijn de beroemde scholen niet weggelegd, het is
simpelweg te duur. Dat ligt niet aan het schoolgeld dat officieel voor
iedereen gelijk is, maar aan de extraatjes die aan de studenten worden
opgelegd.
|
|
|
Een Ghanese volksaard?
De bezoeker valt in Ghana onmiddellijk een aantal dingen op, ongeacht
waar hij of zij het land binnenkomt. Je ziet dat de traditie onder alle
etnische groepen in ere wordt gehouden, terwijl men tegelijkertijd
openstaat voor de modernste technologie. Hoe groot ook de verschillen in
traditie, de Ghanees straalt altijd levenslust, vrolijkheid en
ondernemingszin uit. Nieuwsgierigheid, gekoppeld aan een zekere trots,
een zelfbewustzijn. En een grote gastvrijheid. Je bent bij vrijwel
iedere Ghanees welkom en de risico’s om op een uitnodiging in te gaan
zijn relatief klein.
Er is dus zeker sprake van een eigen Ghanese volksaard. Nieuwe
ontwikkelingen worden verwelkomd. De traditie is zo sterk, dat die er
toch niet door wordt bedreigd. Er zijn dorpen waar de eerste televisies
al waren aangeschaft, nog voor de elektriciteit was aangelegd. Het
mobieltje is inmiddels opgerukt tot in alle uithoeken van het land. En
ook de internetcafé’s ontwikkelen zich snel. Accra huisvest de grootste
internetfaciliteit van Afrika,
Busy Internet, met honderden computers en andere
communicatiemogelijkheden. Maar overal in Accra zijn de internetcafés te
vinden; zelfs een arme wijk als Nima herbergt er tientallen, voor een
relatief lage prijs. Inmiddels rukt het internet gebeuren op naar de
regio’s, het zal niet lang duren voor ieder groot dorp via het net
verbonden is.
|
|
|
Muziek en dans
Muziek en dans weerspiegelen de etnische diversiteit van Ghana, de Black
star. Iedere bevolkingsgroep heeft zijn eigen uitingsvormen ie van
generatie op generatie worden overgegeven. En men is er verschrikkelijk
trots op. Er bestaat geen enkele gene om zich in het openbaar mee te
laten slepen door de drums om zich dansend uit te leven. De kerken
hebben dit dankbaar opgepikt. Maar ook elders worden nieuwe trends
gretig nagevolgd en ontwikkeld tot een geheel eigen stijl.
Het hele jaar door zijn er overal in Ghana traditionele festivals waar
alles op het gebied van dans en muziek uti de kast gehaald wordt.
Aanleiding is vaak de opening van het oogstseizoen (yam-festival) of van
het visseizoen (met regatta van visserboten). Bezoekers worden steevast
hartelijk welkom geheten.
Een nader kleurrijk schouwspel zijn de takrijke begrafenissen in het
weekend. De familie spant zich hiervoor enorm in want ‘je begrafenis is
het grootste feest van je leven’. Bekend zijn de fraaie doodskisten waar
Ghanezen de voorkeur aan geven. Zo werd de verongelukte hiplife artiest
Jerry Bonchaka door duizenden fans uitgeleide gegaan in een kist in e
vorm van een levensgrote microfoon.
|
|
|
Cultureel gidsland?
In de ogen van de Ghanezen is hun land ook op cultureel gebied gidsland.
Daarbij wordt verwezen naar het zelfbewustzijn op het gebied van
traditionele kleding en architectuur, muziek, maar ook eetgewoonten.
‘Natuurlijk is onze fufu en onze banku het beste’. Hoewel
buitenstaanders lang niet altijd gecharmeerd zijn van de gestampte
Ghanese pot van maïs, yam, cassave of bakbanaan.
Hetzelfde geldt voor de filmsector. Natuurlijk zijn de Nigeriaanse films
ook in Ghana populair, maar een productie van eigen bodem is helemaal je
van het. Zondagavond is het leeg op de straat in de buurten van Accra
waar iedereen naar een Ghanese film op tv zit te kijken. Maar buiten
Ghana kunnen de films en soapseries op weinig waardering rekenen.
In andere kunstsectoren scroot Ghana internationaal beter. De boeken van
ama Ata aidoo worden door heel Afrika gelezen. De straatschilders, met
hun grote felrealistische werken, zijn ook in Europa erg populair. Kwame
Akoto uit Kumasi, bijgenaamd Almighty God, is een goed voorbeeld van een
autodidact die internationaal is doorgebroken.
Ghanese beeldende kunstenaars spreken eveneens tot de verbeelding. Kofi
Setordji is zo iemand, die zich met zijn genocidenproject tot de nieuwe
Afrikaanse artistieke elite mag rekenen.
|
|
|
Traditioneel geloof basis van bestaan
Officieel wordt de helft van de Ghanese bevolking geclassificeerd als
‘Christelijk’. En een kwart als ‘Moslim’, percentages die overigens met
ieder nieuwe onderzoek op en neer vliegen. De rest van de mensen wordt
geclassificeerd als ‘overig’, of als aanhanger van ‘traditionele’ of
‘natuurgodsdiensten’.
Feit is dat met name de charismatische protestantse kerken de laatste
jaren sterk aan invloed winnen. De grote Amerikaanse financiële hulp uit
allerlei particuliere fondsen zal hier zeker debet aan zijn. Veel mensen
zien de hallelujah-kerken als hun thuis. ‘In het zuiden van Ghana brengt
zeker een kwart van de mensen een kwart van de tijd in de
pinkstergemeenten door,’ sprak prof. Amoa Sekye, voorzitter van de
Nationale Aids Commissie van Ghana bij de opening van het opvangcentrum
voor HIV-positieven. ‘Het wordt tijd dat deze kerken ook eens aan
aids-voorlichting gaan doen!’
De meer traditionele kerken (katholiek, presbyteriaans, anglicaans,
methodistisch) lopen hier duidelijk voorop; zij zijn iets meer
maatschappelijk georiënteerd. En ook de chief imam en andere
moslimleiders zijn heel actief in de aids-voorlichting onder hun
volgelingen, waarbij in Ghana steeds weer de ABC-formule voorop staat:
de A voor abstain, onthoud je; zo niet dan de B voor be faithful: wees
je partner trouw. Lukt dat ook niet dan is er de C: gebruik een condoom.
Veel Ghanezen plakken daar zelf nog een D aan vast: doe je dat niet dan
ga je dood.
Het is opmerkelijk hoe met name de katholieke kerk omgaat met de
ABC-dormule. Hoewel de kerk het gebruik van condooms officieel verwerpt
wordt er in Ghana nauwelijks een probleem van gemaakt. Het is deze
relaxte houding die we ook elders in de samenleving tegenkomen.
Natuurlijk zijn seks en aids-preventie in Ghana taboes; je praat er
gewoon niet over. Maar als het dan moet, als de situatie erom vraagt,
dan doe je het toch maar. Het probleem was op deze wijze in Ghana eerder
en gemakkelijker bespreekbaar dan in Ghana’s buurlanden. En dat lijkt
dan ook de reden te zijn dat de HIV-infecteringsgraad van 4 procent in
Ghana aanzienlijk lager is dan in buurlanden als Ivoorkust, Togo,
Nigeria of Kameroen.
Ook al geeft bij enquetes slechts een minderheid aan tot het
traditioneel geloof te behoren, feit is dat dit geloof nog steeds de
basis van het bestaan vormt voor iedere ghanees, jong of oud, hoog of
laag, intellectueel of niet. Christeljk en mohammedaans geloof vormen
eerder een aanvulling daarop, soms zelfs niet meer dan een vernisje.
Over iedere beleidsdaad van de regering wordt de zegen van een
traditionele leider of priester gevraagd, naast die van God.
Het traditionele geloof is dus zonder twijfel ook een belangrijke
leidraad voor het dagelijks handelen van de gemiddelde ghanese
staatsburger. Maar ook dit geloof komt voor in vele vormen. |
|